Maanzaad

Maanzaad is het zaad uit de slaapbol of maanbol van de papaver (Papaver somniferum). De piepkleine zaadjes worden al sinds mensenheugenis geoogst uit de gedroogde zaadbol. De zaden worden gebruikt als een ingrediënt in vele oosterse gerechten. In India wordt maanzaad in vele curry’s verwerkt. In ons land wordt maanzaad eigenlijk veel te weinig toegepast als smaakmakend ingrediënt en speelt het slechts een bijrol als decoratie van diverse broodsoorten.

Hoewel het maanzaad en het zo verslavende opium allebei afkomstig zijn afkomstig is uit de papaver, huizen er in het maanzaad niet of nauwelijks verslavende stoffen. Opium wordt namelijk uit het gedroogde melksap van de zaadbol gewonnen worden en dat melksap is juist door de plant aangemaakt om de waardevolle zaadjes tegen vraatzucht van knaagdieren te beschermen.

Toch bestaan er televisieshows, zoals Mythbusters, die de indruk achterlaten dat je door het consumeren van veel met maanzaadjes gedecoreerde bagels een positieve drugstest zou kunnen afleveren. Die Amerikaanse shows doen de waarheid geweld aan. Maanzaadjes zouden vooraf altijd grondig gewassen moeten worden om alle restanten van de verslavende stoffen (en andere verontreinigingen) kwijt te raken. Vervolgens kun je een tester zo laag instellen dat zelfs minuscule drugssporen nog een positief resultaat zal gaan opleveren. In normale omstandigheden zijn broodjes met maanzaad volstrekt veilig.
Het eerste deel van de wetenschappelijke naam, Papaver, is van Latijnse oorsprong, waar pappa ‘melk’ of ‘pap’ betekent. Het verklaart de latex, die deze plantenfamilie afscheidt. Het tweede deel, somiferum, is een combinatiewoord uit het Latijn: somnus is ‘slaap’ en ferre is een afgeleide van het werkwoord fero dat ‘voortbrengen’ betekent. Samen is dat dus ‘in slaap brengen’ of ‘slaapopwekkend’. Het woord ‘maan’ verklaart de onbehaarde, kogelronde zaaddoos van deze familie.

Van Kreta stamt 1600 jaar geleden de eerste melding van het telen van de papaver in Europa. De papaver werd toen aangeplant voor diens kalmerende eigenschappen. De oude Egyptenaren vermaalden het maanzaad tot een hoogwaardige kookolie. Uit de eerste eeuw voor onze jaartelling bestaan recepten (of liever beschrijvingen) om een soort snoep te maken van maanzaad en honing. Griekse artsen bevalen brood met maanzaad aan omdat het zo gezond zou zijn. Een pasta van maanzaad was zelfs in de Middeleeuwen in zuidelijk Europa nog populair.

Maanzaad is rijk aan calcium en heeft dus echt wel een plekje op de eerste rang verdiend op onze heerlijke broodjes.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen